De contractuele uitsluiting in solidum ‘overleeft’ de ontbinding van de architectenovereenkomst

Home  /  Knowledge sharing  /  Blog  /  De contractuele uitsluiting in solidum ‘overleeft’ de ontbinding van de architectenovereenkomst

De contractuele uitsluiting in solidum ‘overleeft’ de ontbinding van de architectenovereenkomst

De ontbinding van een overeenkomst heeft krachtens artikel 1184 oud BW, in principe, tot gevolg dat een overeenkomst met terugwerkende kracht wordt ongedaan gemaakt. De ontbinding van de overeenkomst heeft met andere woorden een retroactieve werking (ex tunc). Partijen dienen bijgevolg in dezelfde toestand teruggeplaatst worden alsof de overeenkomst nooit was aangegaan.

Op deze terugwerkende kracht van de ontbinding bestaan er echter uitzonderingen. Zo wordt aangenomen dat contractuele bedingen, die tot voorwerp hebben de gevolgen van de ontbinding tussen de partijen te regelen, ook nog na de ontbinding verdere uitwerking voor de toekomst krijgen (ex nunc).

Het Hof van Cassatie bevestigde in een arrest van 15 januari 2021 dat een clausule die de in solidum aansprakelijkheid van de architect rechtsgeldig beperkt of uitsluit, zo een beding is dat ook uitwerking krijgt na de ontbinding van de architectenovereenkomst. Volgens het Hof van Cassatie is het immers een beding dat de te vergoeden schade beperkt in het geval dat de architect zijn verbintenissen niet nakomt. Het beding breidt zich dus ook uit tot de schade die vergoed moet worden als gevolg van de ontbinding. Bijgevolg kan een architect ook nadat een architectenovereenkomst gerechtelijk of buitengerechtelijk ontbonden is, zich nog steeds beroepen op een clausule uit die overeenkomst die de in solidum -aansprakelijkheid tussen de aannemer en de architect beperkt.

Andere voorbeelden van clausules die mogelijk de ontbinding kunnen overleven zijn schadebedingen, concurrentiebedingen, arbitragebedingen, etc.

In de toekomst zou, het principe dat bepaalde clausules de ontbinding ‘overleven’, bovendien verankerd kunnen worden in het Nieuw Belgisch Burgerlijk Wetboek. Artikel 5.114 van het wetsvoorstel Boek 5 “verbintenissen” voorziet immers in de volgende bepaling omtrent postcontractuele verbintenissen en bedingen:

“De beëindiging van het contract heeft geen gevolgen voor de verbintenissen en bedingen die, gelet op de bedoeling van de partijen en op de grond van tenietgaan, zijn bestemd om van toepassing te blijven.

De wet, de goede trouw of de gebruiken kunnen ook verbintenissen opleggen na het einde van het contract

De regels betreffende de contractuele verbintenissen zijn daarop van toepassing, tenzij hun aard of strekking zich daartegen verzet.”

Het wetsvoorstel Boek 5 “Verbintenissen” van het nieuw Burgerlijk Wetboek werd op 24 februari 2021 ingediend in de Kamer van volksvertegenwoordigers. 

Zodra deze nieuwe regels effectief in werking zouden treden, zullen deze in onze toekomstige blogs verder toegelicht worden.

Wenst u meer informatie? Contacteer Kristof Uytterhoeven en Michel Fransen voor meer informatie.