Grondwettelijk Hof vernietigt bepaling van het nieuwe appartementsrecht

Home  /  Knowledge sharing  /  Blog  /  Grondwettelijk Hof vernietigt bepaling van het nieuwe appartementsrecht

Grondwettelijk Hof vernietigt bepaling van het nieuwe appartementsrecht

Sinds 1 januari 2019 gelden er nieuwe regels in het appartementsrecht. Ze zijn ingevoerd door de Wet van 18 juni 2018. Één van de nieuwigheden van de wet is de mogelijkheid voor de VME om met een 4/5de meerderheid te beslissen over de afbraak of de volledige heropbouw van het gebouw. 

Die nieuwe regel is opgenomen in artikel 577-7, § 1, 2°, h) BW. Deze bepaling voorziet dat de VME met 4/5de meerderheid beslist over de afbraak of de volledige heropbouw van het gebouw, en dit om redenen van hygiëne of veiligheid of wanneer de kostprijs voor de aanpassing van het gebouw aan de wettelijke bepalingen buitensporig zou zijn. Vroeger kon de VME enkel bij unanimiteit beslissen tot afbraak of volledige heropbouw. Om nieuwbouw te bevorderen heeft de wetgever dit dus versoepeld. Dezelfde bepaling voorziet nog dat een mede-eigenaar afstand kan doen van zijn kavel ten gunste van de andere mede-eigenaars indien de waarde ervan lager is dan het aandeel dat hij ten laste zou moeten nemen in de totale kostprijs van de werken, in voorkomend geval tegen een in onderling akkoord of door de rechter vastgestelde compensatie.

Het Grondwettelijk Hof heeft deze bepaling op 20 februari 2020 vernietigd. Hoewel het Hof erkent dat de wetgever wel rekening heeft gehouden met het belang van de mede-eigenaar die zich verzet tegen de beslissing tot afbraak of volledige heropbouw van het gebouw, zijn toch bijkomende waarborgen nodig. Nu is het principe dat een mede-eigenaar die het niet eens is met de beslissing van de VME, deze binnen de vier maanden kan aanvechten voor de vrederechter (cfr. artikel 577-9, § 2 BW). De eigenaar moet dus zelf het initiatief nemen. Aangezien de bestreden bepaling ertoe kan leiden dat een mede-eigenaar afstand moet doen van zijn eigendomsrecht, is het volgens het Grondwettelijk Hof nodig dat de VME haar beslissing zelf aanhangig maakt bij de vrederechter, zodat de vrederechter de wettigheid van deze beslissing kan beoordelen en desgevallend advies kan vragen aan een deskundige over het bedrag van de compensatie.

Het arrest van het Grondwettelijk Hof heeft tot gevolg dat de VME opnieuw enkel met eenparigheid van de stemmen kan beslissen over de afbraak of de volledige heropbouw van het gebouw. De wetgever zal nu moeten tussenkomen en de bepaling aanpassen.

Als u vragen heeft over de gevolgen van dit arrest of over andere aspecten van het appartementsrecht, dan kan u bij Steven Slachmuylders terecht.