Het Instrumentendecreet

Home  /  Knowledge sharing  /  Blog  /  Het Instrumentendecreet

Het Instrumentendecreet

Om de principes en doelstellingen van de strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen te onderschrijven, zou de Vlaamse Regering in het begin van de legislatuur 2019-2024 werk maken van de definitieve goedkeuring van het decreet houdende realisatiegericht omgevingsbeleid, beter gekend als het Instrumentendecreet

Zo keurde de Vlaamse Regering op 20 december 2019 het ontwerp van Instrumentendecreet definitief goed met het oog op indiening bij het Vlaams Parlement. Welnu, op 14 januari jl. werd het ontwerp van instrumentendecreet ingediend bij het Vlaams Parlement. 

Het Instrumentendecreet bundelt bestaande realisatiegerichte instrumenten, verbetert bestaande instrumenten en creëert nieuwe (realisatiegerichte) instrumenten.

Er worden 3 nieuwe ‘instrumenten’ ingevoerd, met name activiteitencontracten en -convenanten, verhandelbare ontwikkelingsrechten en billijke schadevergoeding.

- De activiteitencontracten tussen de gemeente en de burger enerzijds en de convenanten tussen de Vlaamse Regering en een gemeente anderzijds bieden een oplossing voor tijdelijke kleinschalige en zonevreemde economische activiteiten, maar ook meergezinswoningen, die ruimtelijke aanvaardbaar zijn in bestaande en niet-verkrotte gebouwen in agrarische en parkgebieden. Zo komt de wetgever tegemoet aan vrijgekomen gebouwen in agrarisch gebied waar momenteel geen gebruikswaarde voor landbouw aanwezig is.

- Verhandelbare ontwikkelingsrechten houden in dat de beperkingen van ontwikkelings-mogelijkheden worden vergoed uit meerwaarde van winstgevende ontwikkelingen elders.

- De billijke schadevergoeding is de vergoeding die de overheid betaalt aan eigenaars wanneer een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen of voor het verkavelen van gronden onuitvoerbaar wordt door een overheidsmaatregel. Deze laatste is van dien aard dat ze tot een volledig bouwverbod zal leiden.

Voorts bepaalt het instrumentendecreet een verbetering van de bestaande regeling inzake de planschade en planbaten. Ingeval van planbatenheffing wordt het maximale heffingspercentage opgetrokken van 30% naar 50%. Ingeval van planschadevergoeding wordt de vergoeding in zijn geheel gezet op 100% van het waardeverlies en niet meer op 80%.

Er is eveneens de harmonisatie van sectorale koopplichten waarbij er 2 criteria van belang zijn, met name de ernstige waardevermindering van het onroerend goed en het ernstig in het gedrang komen van de leefbaarheid van de bestaande bedrijfsvoering. 

Heeft u vragen of wenst u meer toelichting? Contacteer Mtr. Yannick Grauwels of Mtr. Joachim Lebeer