Regeling omtrent zorgwonen is versoepeld

Home  /  Knowledge sharing  /  Blog  /  Regeling omtrent zorgwonen is versoepeld

Regeling omtrent zorgwonen is versoepeld

Op 16 augustus 2021 is de nieuwe regeling voor zorgwonen in werking treden. Het decreet van 18 juni 2021 tot wijziging van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009, wat betreft zorgwonen, brengt een aantal wijzigingen met zich mee in vergelijking met het bestaande kader inzake zorgwonen

In tegenstelling tot voordien is niet alleen een inpandige zorgwoning mogelijk maar ook de creatie van een zorgwoning in een bestaand, hoofdzakelijk vergund vrijstaand bijgebouw of in een tijdelijke, verplaatsbare constructie in de nabijheid van de hoofdwoning. Sinds 16 augustus 2021 is zorgwonen in een bestaand, hoofdzakelijk vergund vrijstaand bijgebouw niet vergunningsplichtig maar louter meldingsplichtig indien aan de volgende voorwaarden cumulatief is voldaan:

  • De bruto vloeroppervlakte van de ondergeschikte wooneenheid bedraagt maximaal 50m²; 
  • Er wordt geen bijkomende verharding aangelegd, met uitzondering van een strikt noodzakelijke toegang tot de ondergeschikte wooneenheid; 
  • De noodzakelijke nutsvoorzieningen van de ondergeschikte wooneenheid takken aan op de bestaande nutsvoorzieningen van de hoofdwooneenheid; 
  • De afvoer van het afvalwater van de ondergeschikte wooneenheid sluit aan op de bestaande waterafvoer van de hoofdwooneenheid.

Indien niet voldaan is aan voormelde voorwaarden betekent dit niet dat de creatie van een zorgwoning onmogelijk is. Wel moet er dan een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen aangevraagd worden. Als het bestaande bijgebouw uitgebreid wordt, volstaat evenmin een melding, maar is een omgevingsvergunning verplicht.

Daarnaast is zorgwonen in een tijdelijke, verplaatsbare constructie evenzeer louter meldingsplichtig indien de volgende voorwaarden cumulatief zijn vervuld:

  • De tijdelijke, verplaatsbare constructie wordt volledig geplaatst binnen een straal van 30m van de hoofdwooneenheid op hetzelfde perceel als de hoofdwooneenheid of op een perceel dat onmiddellijk paalt aan het perceel van de hoofdwooneenheid;
  • De tijdelijke, verplaatsbare constructie wordt op een van de volgende plaatsen geplaatst:
    • In de zijtuin, al dan niet vrijstaand, tot op 3m van de perceelsgrenzen;
    • In de achtertuin, al dan niet vrijstaand, tot op 1m van de perceelsgrenzen. De ondergeschikte wooneenheid kan in de achtertuin ook op of tegen de perceelsgrens geplaatst worden als ze tegen een bestaande scheidingsmuur opgericht wordt en als de bestaande scheidingsmuur niet gewijzigd wordt.
  • De tijdelijke, verplaatsbare constructie heeft een maximale hoogte van 3,5m;
  • De tijdelijke, verplaatsbare constructie heeft een maximale bruto vloeroppervlakte van 50m²;
  • Er wordt geen bijkomende verharding aangelegd, met uitzondering van de tijdelijke, verplaatsbare constructie zelf en een strikt noodzakelijke toegang tot de tijdelijke, verplaatsbare constructie;
  • De plaatsing van de tijdelijke, verplaatsbare constructie gaat niet gepaard met een ontbossing, het aanmerkelijk wijzigen van het reliëf van de bodem, en gebeurt niet in een overstromingsgebied noch in een ruimtelijk kwetsbaar gebied, met uitzondering van agrarisch gebied met ecologische waarde, agrarisch gebied met ecologisch belang en parkgebied;
  • De noodzakelijke nutsvoorzieningen takken aan op de bestaande nutsvoorzieningen van de hoofdwooneenheid;
  • De afvoer van het afvalwater sluit aan op de bestaande waterafvoer van de hoofdwooneenheid;
  • De plaatsing is tijdelijk voor een maximale totale duur van drie jaar per hoofdwooneenheid. De duur kan met een nieuwe melding slechts één keer verlengd worden met een aanvullende periode van maximaal drie jaar;
  • Binnen drie maanden na het beëindigen van de zorgsituatie, worden de tijdelijke, verplaatsbare constructie en de hiervoor aangelegde strikt noodzakelijke toegang verwijderd.

Ook hier geldt dat indien niet voldaan is aan voormelde voorwaarden dit niet betekent dat de creatie van een zorgwoning onmogelijk is. Er moet dan wel een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen aangevraagd worden.

Met het nieuwe decreet wordt tegemoetgekomen aan de verzuchtingen inzake de beperkte mogelijkheden rondom zorgwonen in Vlaanderen en wordt a.h.w. zorgwonen in de tuin mogelijk. Op heden is immers 20% van de Vlamingen 65 jaar of ouder en tegen 2030 bedraagt dit maar liefst 25% waarvan 1/3 ouder zal zijn dan 80 jaar.

Heeft u hier vragen over? Contacteer Yannick Grauwels en Joachim Lebeer.