Blijf op de hoogte!
Wenst u op de hoogte te blijven van de laatste inzichten van Caluwaerts Uytterhoeven, bezorg ons dan uw gegevens via het formulier hieronder.
Op 9 oktober 2026 diende de federale regering bij de Kamer een wetsontwerp in dat de regelgeving inzake overheidsopdrachten op verschillende punten wijzigt (DOC 56 1785/001).
Het wetsontwerp beoogt de plaatsing van overheidsopdrachten te vereenvoudigen en de administratieve lasten voor aanbesteders en inschrijvers te verminderen. Zo worden onder meer de drempels voor opdrachten van beperkte waarde verhoogd en de regels inzake elektronische handtekeningen versoepeld. Tegelijk worden de voorwaarden om uitsluitend op basis van de prijs te gunnen aangescherpt en krijgt duurzaamheid een prominentere plaats
Hogere drempels voor opdrachten van beperkte waarde
Vandaag kunnen opdrachten met een geraamde waarde van minder dan 30.000 euro (excl. btw) volgens een sterk vereenvoudigde regeling worden geplaatst, zonder verplichte voorafgaande bekendmaking.
Het wetsontwerp verhoogt deze drempel tot 75.000 euro (excl. btw), op voorwaarde dat de goed te keuren uitgave lager blijft dan 90.000 euro. Hierdoor zullen meer opdrachten onder de vereenvoudigde regeling vallen en kunnen aanbesteders kleinere opdrachten met minder administratieve formaliteiten plaatsen.
Daarnaast wordt een afzonderlijke regeling ingevoerd voor opdrachten van uiterst beperkte waarde. Opdrachten met een geraamde waarde van minder dan 3.000 euro en een goed te keuren uitgave van minder dan 3.600 euro zouden rechtstreeks kunnen worden gegund, zonder voorafgaande raadpleging van meerdere ondernemers of de opmaak van een formeel bestek.
Deze vereenvoudigingen nemen niet weg dat de aanbesteder de toepasselijke beginselen moet naleven. Wanneer een opdracht een duidelijk grensoverschrijdend belang vertoont, blijven bovendien de relevante verplichtingen uit het Unierecht gelden, waaronder een passende mate van transparantie.
De laagste prijs volstaat niet altijd meer
Een van de belangrijkste wijzigingen betreft de keuze van de gunningscriteria.
Artikel 81, § 2, van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten laat de aanbesteder vandaag de keuze om de economisch meest voordelige offerte vast te stellen op basis van de prijs, de kosten of de beste prijs-kwaliteitsverhouding.
Bij een gunning uitsluitend op basis van de prijs komt in beginsel de regelmatige offerte met de laagste prijs in aanmerking. Bij de beste prijs-kwaliteitsverhouding spelen ook andere criteria een rol, zoals de technische kwaliteit, de uitvoeringstermijn of de duurzaamheid van de aangeboden prestaties.
Het wetsontwerp beperkt deze keuzevrijheid voor opdrachten in de klassieke sectoren waarvan de geraamde waarde gelijk is aan of hoger ligt dan de Europese bekendmakingsdrempels.
Het nieuwe artikel 81, § 2/1 van voormelde wet, zou bepalen dat een aanbesteder nog slechts uitsluitend op basis van de prijs mag gunnen indien aan minstens één van de volgende voorwaarden is voldaan:
De werken, leveringen of diensten zijn gestandaardiseerd en beschikbaar op de markt. Het gaat om onderling uitwisselbare prestaties waarbij geen wezenlijke kwalitatieve verschillen tussen de offertes bestaan. De memorie van toelichting verwijst onder meer naar gangbare leveringen, zoals papier, en het leggen van leidingen volgens precieze normen.
De vereiste kwaliteit wordt integraal beschreven in de opdrachtdocumenten. De relevante kwaliteitskenmerken moeten dan voldoende nauwkeurig zijn vastgelegd om significante kwalitatieve verschillen tussen de offertes uit te sluiten.
Een integrale beschrijving vereist volgens de memorie van toelichting geen uitputtende opsomming van alle kwaliteitskenmerken. Het volstaat dat de omschrijving voldoende nauwkeurig is om de vergelijkbaarheid van de offertes te waarborgen.
De regering wil hiermee de mededinging minder uitsluitend op prijs laten plaatsvinden en meer aandacht besteden aan kwaliteit, duurzaamheid en innovatie.
Dit betekent niet dat de prijs als gunningscriterium verdwijnt of dat de beste prijs-kwaliteitsverhouding steeds verplicht wordt. De mogelijkheid om uitsluitend op basis van kosten te gunnen, blijft immers behouden.
Voor aanbesteders zal vooral de keuze van de gunningscriteria bij de voorbereiding van een opdracht meer aandacht verdienen. Een gunning uitsluitend op basis van de prijs zal boven de Europese bekendmakingsdrempels slechts mogelijk zijn wanneer een van de wettelijke uitzonderingen toepasselijk is. Ook voor inschrijvers is deze keuze relevant, aangezien zij aanleiding kan geven tot discussie over de rechtmatigheid van de opdrachtdocumenten.
Versoepeling van de elektronische handtekening
Een ontbrekende of ongeldige elektronische handtekening kan vandaag tot de wering van een offerte leiden, zelfs wanneer die inhoudelijk aan alle gestelde voorwaarden voldoet.
Het wetsontwerp versoepelt deze regeling. Zo zou bij de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking een handtekening niet langer verplicht zijn, tenzij de aanbesteder dit uitdrukkelijk oplegt in de opdrachtdocumenten.
Wanneer een handtekening wel vereist is, moet de aanbesteder de inschrijver de mogelijkheid bieden om een ontbrekende of gebrekkige handtekening te regulariseren. De termijn hiervoor bedraagt tussen vijf en vijftien werkdagen en moet vooraf in de opdrachtdocumenten worden vastgelegd. Deze regularisatiemogelijkheid geldt niet voor opdrachten van beperkte waarde. Wordt het gebrek niet tijdig geregulariseerd, dan moet de offerte alsnog nietig worden verklaard.
Een louter formeel gebrek aan de ondertekening zou bijgevolg niet langer onmiddellijk tot de wering van een materieel regelmatige offerte mogen leiden.
Minder administratieve verplichtingen bij de selectie
Ook de regels inzake de selectie van ondernemers worden versoepeld. Voor opdrachten voor leveringen en diensten onder de Europese bekendmakingsdrempels zou de aanbesteder bij de openbare procedure en de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking kunnen beslissen om geen selectiecriteria op te leggen. Er zouden dan bijvoorbeeld geen afzonderlijke eisen inzake economische en financiële draagkracht of technische en beroepsbekwaamheid moeten worden vastgesteld. Voor opdrachten voor werken blijft deze mogelijkheid uitgesloten, onder meer gelet op de daaraan verbonden risico's en de toepasselijke erkenningsreglementering.
Daarnaast wordt de regeling inzake de impliciete verklaring op erewoord uitgebreid. Bij opdrachten onder de Europese bekendmakingsdrempels zou de indiening van een offerte of aanvraag tot deelneming in beginsel volstaan als voorlopige verklaring dat de ondernemer zich niet in een uitsluitingssituatie bevindt en, indien van toepassing, aan de selectiecriteria voldoet.
Ook het zogenaamde only once-beginsel wordt verder uitgewerkt. Ondernemers zouden bepaalde bewijsstukken niet opnieuw moeten indienen wanneer de aanbesteder deze reeds in het kader van een eerdere plaatsingsprocedure heeft ontvangen. Dit veronderstelt wel dat de ondernemer de eerdere procedure identificeert en dat de documenten nog aan de gestelde vereisten voldoen.
Verder krijgen aanbesteders bij de openbare procedure en de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking meer ruimte om eerst de offertes te onderzoeken en pas nadien de selectie en uitsluitingsgronden te controleren.
De voorgestelde wijzigingen moeten vermijden dat aanbesteders en inschrijvers onnodig tijd besteden aan administratieve controles en het opnieuw verzamelen van bewijsstukken.
Gelegenheidsaankopen ook mogelijk in de klassieke sectoren
Het wetsontwerp breidt de regeling voor gelegenheidsaankopen, die vandaag reeds bestaat in de speciale sectoren, uit naar de klassieke sectoren. Hierdoor zou een aanbesteder via een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking een aankoop kunnen verrichten wanneer zich een uitzonderlijk voordelige gelegenheid voordoet. Denk bijvoorbeeld aan nieuwe of tweedehandsgoederen die slechts gedurende een beperkte periode beschikbaar zijn tegen een prijs die aanzienlijk lager ligt dan de normale marktprijs.
De aanbesteder moet het uitzonderlijk voordelige karakter van de aankoop kunnen verantwoorden. Bovendien moet de goed te keuren uitgave onder de toepasselijke Europese bekendmakingsdrempel blijven.
Met deze regeling kunnen aanbesteders sneller inspelen op gunstige marktomstandigheden, zonder daarvoor een gewone plaatsingsprocedure te moeten doorlopen.
Meer aandacht voor duurzaamheid en energie-efficiëntie
Naast de administratieve vereenvoudigingen bevat het wetsontwerp verschillende maatregelen die duurzame overheidsopdrachten moeten bevorderen. Zo wordt in artikel 81, § 2, van de wet van 17 juni 2016 uitdrukkelijk verduidelijkt dat bevoorrading via korte ketens bij de keuze van de gunningscriteria in aanmerking kan worden genomen.
Dit kan bijvoorbeeld relevant zijn bij opdrachten voor de levering van voedingsproducten. Het gebruik van korte ketens vormt evenwel geen zelfstandig nieuw gunningscriterium en laat niet toe om zonder meer lokale ondernemers te bevoordelen. De criteria moeten verband houden met het voorwerp van de opdracht en de beginselen van gelijke behandeling en mededinging respecteren.
Daarnaast zet het wetsontwerp artikel 7 van Richtlijn (EU) 2023/1791 betreffende energie-efficiëntie om in het Belgische recht. Daartoe wordt artikel 168 van de wet van 17 juni 2016 herwerkt. Voor opdrachten vanaf de Europese bekendmakingsdrempels zouden aanbesteders, behoudens de wettelijk voorziene uitzonderingen, producten, diensten, gebouwen en werken met hoge energie-efficiëntieprestaties moeten verwerven overeenkomstig de toepasselijke vereisten. De regeling wordt daarbij uitgebreid tot opdrachten voor werken en de verwerving of huur van gebouwen. Ook het energie-efficiëntie-eerstbeginsel krijgt een uitdrukkelijke plaats in de regelgeving.
Verder verduidelijkt het wetsontwerp dat bij de beoordeling van offertes rekening kan worden gehouden met onder meer de duurzaamheid, herstelbaarheid en het renovatiepotentieel van de aangeboden prestaties.
Wanneer treden de wijzigingen in werking?
Het wetsontwerp moet nog door het Parlement worden behandeld en goedgekeurd. De voorgestelde wijzigingen zijn bijgevolg nog geen geldend recht.
Bovendien zullen niet alle bepalingen op hetzelfde ogenblik in werking treden. Voor een belangrijk deel van de wijzigingen, waaronder de beperking van de gunning uitsluitend op basis van de prijs, zal de Koning de datum van inwerkingtreding bepalen. Voor andere bepalingen voorziet het wetsontwerp in een termijn van tien dagen of drie maanden na de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
De nieuwe bepalingen zullen in beginsel van toepassing zijn op opdrachten die vanaf de respectieve datum van inwerkingtreding worden bekendgemaakt of bekendgemaakt hadden moeten worden. Voor opdrachten zonder verplichte voorafgaande bekendmaking is de datum van de uitnodiging tot het indienen van een aanvraag tot deelneming of een offerte bepalend.
Besluit
Het wetsontwerp van 9 oktober 2026 bevat verschillende vereenvoudigingen die de toegang tot overheidsopdrachten moeten vergemakkelijken. Vooral de hogere drempels voor opdrachten van beperkte waarde en de versoepeling van de administratieve formaliteiten kunnen de plaatsingspraktijk merkbaar veranderen.
Tegelijk worden voor grotere opdrachten de voorwaarden om uitsluitend op basis van de prijs te gunnen aangescherpt. Aanbesteders zullen bij de voorbereiding van hun opdrachtdocumenten dan ook meer aandacht moeten besteden aan de keuze van de gunningscriteria. Voor inschrijvers kunnen deze wijzigingen gevolgen hebben voor zowel de deelname aan opdrachten als de beoordeling van hun offertes.
De verdere parlementaire behandeling zal moeten uitwijzen in welke vorm en vanaf wanneer de nieuwe regels van toepassing worden.
Hebt u vragen over de gevolgen van het wetsontwerp voor uw opdrachten of offertes?
Neem gerust contact met ons op.
Bron: Wetsontwerp tot wijziging van diverse bepalingen inzake overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten, Parl.St. Kamer 2025-26, DOC 56 1785/001.
Wenst u op de hoogte te blijven van de laatste inzichten van Caluwaerts Uytterhoeven, bezorg ons dan uw gegevens via het formulier hieronder.